Pagina's

maandag 23 november 2009

Once more with feeling.....

In den beginne was er het woord. En het woord was goed. Het woord gaf ons leven. Want alles start met een verhaal. Een verhaal waarin mensen zich herkennen, een verhaal dat begeestert, waarin je jezelf letterlijk kunt verliezen. Soms is het spannend en meeslepend, soms is het leerrijk en verhelderend en leert het ons iets over onszelf. De beste verhalen zijn een combinatie van beide.

Maar een verhaal is niet genoeg. De gebeurtenissen moeten gedragen worden door karakters van vlees en bloed. Karakters met een achtergrond en een persoonlijkheid, een insteek en motivatie, geen bordkartonnen instrumenten ten behoeve van de plot, geen vrijblijvende plotmastiek. Maar dit is nog niet alles. Er is nog een derde element: dialoog. Wat ook de vorm is waarin men het verhaal vertelt (boek of film), het is de gehanteerde taal die ons uiteindelijk als een vis aan de haak het verhaal binnen trekt...willens nillens. Dialoog is de uiting van karakter, het stuwt de ontwikkeling van het verhaal, het maakt het verschil tussen geloofwaardigheid en oppervlakkigheid. Goede dialoog, geschreven door een schrijver (Stephen King, Elmore Leonard, Quentin Tarantino,…) met een oor voor spreektaal is een vrijkaart voor een topopvoering. Alles start dus met de schrijver. Met de creativiteit en het metier van degene die het verhaal of het script op papier zet.

Daarom heb ik een grote waardering voor mensen zoals Joss Whedon. Verantwoordelijk voor 7 seizoenen van ‘Buffy the Vampire Slayer’ (8 seizoenen als je de ‘comics’- continuatie meetelt) heeft hij met elke aflevering het Olympisch minimumniveau voor kwalitatieve TV shows ietsje hoger getild. Met elke aflevering ging je meer van de personages houden, en ondanks mijn grote afstand tot de demagogische doelgroep, werd ik langzaam en zonder verweer ondergedompeld in de ‘Buffyverse’. De show werd gekenmerkt door creatieve verhaallijnen, een frisse wedergeboorte van de oude vampierenmythologie, sprankelende dialogen en extreem grappig taalgebruik (Does anybody feel like they have been Keyser Sozed?) en een supercast! Een aantal memorabele afleveringen springen er toch uit. ‘The body’ een hartverscheurend en ingetogen confrontatie met de dood van haar moeder, ‘Hush’ een kippenvel inducerende horroruitstap zonder woorden en ‘Once More with feeling’: alles wat goed was aan Buffy, maar dan onder de vorm van een musical !!

Whedon liet het daar niet bij. Zijn volgende project, ‘Firefly’, ging over een groep vrijbuiters die uit de klauwen probeert te blijven van een centraal gezag met fascistische trekjes. Gesitueerd in een niet nader bepaalde toekomst vliegen ze space-opera gewijs van de ene uithoek van het heelal naar de andere. Maar hier opnieuw is de setting maar een excuus om goede (universele) verhalen te vertellen, gekenmerkt door een subtiele en uitgewerkte karakterontwikkeling. Helaas is deze show na 16 afleveringen ter ziele gegaan. Het is een terugkerend zeer bij genreshows dat de netwerken zeer snel een show aborteren wanneer de kijkcijfers tegenvallen. Vroeger werd een show nog de tijd gegund om langzaam een publiek op te bouwen. Maar die tijd zijn we intussen ook voorbij. Gelukkig had Firefly een grote schare fans en Whedon kon met de film ‘Serenity’ toch nog een en ander van zijn verhaalontwikkeling afronden. Maar helaas niet alles, en de fanboy in mij is uitermate ontstemd en bedroefd over de tal van mogelijke Firefly-avonturen die hierdoor ontbeerd moeten worden. Whedon lanceerde dan maar een hilarische webmusical ‘Dr. Horrible’s Sing-Along Blog’.

Daarna kwam hij terug naar televisie met ‘Dollhouse’, ook bij ons te volgen op 2BE, maar ondertussen reeds gesneuveld in de US tijdens het tweede seizoen. Het netwerk trok er de stekker uit. Ik heb een aantal afleveringen bekeken en het afvoeren van de show doet me weinig. ‘Dollhouse’ werkte niet voor mij. En ik vraag me af waarom Whedon, genie dat hij is, een van de grootste verhalenvertellers van het laatste decennium, niet heeft ingezien waarom. Omdat de premisse van de show ingaat tegen één van zijn basisstellingen. Je moet je namelijk kunnen identificeren met de hoofdpersonages. En dat gaat zeer moeilijk als de hoofdpersoon iedereen week telkens een andere persoonlijkheid krijgt ‘gedowndload’ en de rest van de karakters – pardon my French – (bijna)beuzakken zijn. De personages uit ‘Buffy’ & ‘Firefly’, daar had je graag bevriend mee geweest. Maar het kon me niet schelen wat er met die gasten uit ‘Dollhouse’ gebeurde…Dat is een regel met een heel breed toepassingsveld. Zo lees ik ook met node een roman uit waarvan ik het hoofdpersonage niet kan luchten….life’s too short for that, you know.

Voor Joss is nu de maat vol. Hij wil zich concentreren op Film en Internet, misschien nog comics…Hij zal wel een uitlaatklep vinden om zijn ding te doen. We hebben het volste vertrouwen in zijn kunnen en in zijn onbeheersbare drang om verhalen te vertellen. Komaan Joss, once more with feeling…

zondag 22 november 2009

Terug uit de woestijn....

Net terug van een reis naar het zuiden van Marokko. Steden zoals Marrakesh en Ouarzazate stonden op het menu maar ook een vijfdaagse trektocht door de woestijn met temperaturen van 40 graden en ijskoude nachten onder een imposante sterrenhemel, met vers brood gebakken op warme kolen, geurende tajines , liters muntthee, maar ook met uitgestrekte desolate steenvlaktes, zandduinen en de stilte, steeds de stilte. Kortom het was er weer een om te koesteren. Wat intestinale restverschijnselen, maar een kniesoor die daar op let.

Men vraagt me soms: waarom steeds weer die woestijn. Ik heb het in deze blog reeds gehad over de betovering die je overvalt wanneer je onder de warme zon urenlang rustig verder sjokt en de gedachten langzaam opdrogen, wanneer het enige wat je hoort de zachtjes ruisende wind is en wanneer de blik zich eindeloos verder kan ontrollen langs een zinderende einder. Ik ga dit dus hier niet opnieuw doen. Zo ook vraag ik me soms af of alles wel moet verwoord worden. En dan nog is er een rest die helemaal niet kan beschreven worden. Toch dacht ik jullie een aantal dagboekfragmenten weer te geven van eerdere gemaakte woestijnreizen. Mogelijks springt een vonk van het heilige vuur over…

Tunesië – oktober 2003 – Dag 2:
Om 7.45 uur zijn we weer op pad. We wandelen een drietal uren, vinden prehistorische speerpunten en woestijnrozen. Soms lopen we met twee of drie samen en praten we wat, soms nemen we wat afstand en wandelen eenzaam de steeds kleiner wordende karavaan achterna. S. is enorm populair bij de meereizende vliegen. Zijn rug is één wriemelende zwarte massa. Maar hij is niet alleen. Best is de vliegen rustig op je rug te laten zitten. Maak je onverwachte of bruuske bewegingen dan lost de plaque vliegen zich op in een toornige wolk die luidruchtig rond je hoofd tolt. Rond 11.00 uur slaan we de tent op voor de middagrust en de lunch. Iedereen lijkt in te dommelen. Het is warm en een hete droge wind komt opzetten….

Sinaïwoestijn – november 2005 – Dag 2:
…we trekken verder de woestijn in en na een wandeling van een goede drie uur door rotsachtig terrein langsheen wadis en uitgeholde paden, komen we aan in onze kampplaats. Het is het tijdstip van het gouden avondlicht. Fijn opstuivend zand en de bijna pulserende gloed van het avondlicht dat de rotsen in diepe okertinten laat oplichten, toveren het landschap om in een onwezenlijk droomdecor. Daar middenin, de grote tent pal in het licht van de ondergaande zon. We worden verwelkomd door Mustafa, onze kok, met thee en koekjes. We doen onze schoenen uit en vleien ons neer op het tapijt. We praten bij en reconstrueren de dag uit de vele afzonderlijke getuigenissen. Iedereen moet als het ware zijn hart luchten, wil de schoonheid die we gezien hebben ons niet blijvend met verstomming slaan…

Egypte – Westelijke woestijn – november 2006 - Dag 5:
…na het ontbijt wandelen we door wat we terecht niets anders kunnen noemen dan een witte woestijn. Fonkelende helderwitte rotsformaties tegen een diepblauwe hemel. We wandelen doorheen een labyrint van door de wind uitgeholde en uitgefreesde witte rotsformaties, sommige zo groot als een huis, andere nemen de versteende vorm aan van een zandheuvel of een aangespoelde walvis. De verbeelding slaat hier werkelijk op hol. Ze vindt geen houvast meer op de netjes afgeschuurde en gepolijste rotsvormen…en dit terwijl de zon steeds hoger klimt. Water, water, water….


Libië – het zuiden – november 2007 – Dag 6:
…vandaag geen ontbijt. Voel me nog wat zwak van de rusteloze nacht. Diarree! Het moest er eens van komen. Het wordt weer warm en de wandeling duurt lang. J. krijgt het een beetje lastig. Hij heeft hetzelfde probleem als ik. ’s Middags eet ik toch wat brood maar J. eet niets. Tijd om wat te rusten en te lezen. Dan komt er een geweldige wind opzetten. Rond drie uur vertrekken we voor het tweede luik van de dagtocht. We moeten nog een twaalftal kilometer doen. Het wordt een zeer lastige tocht, bijna episch…althans in mijn verbeelding. We vorderen over een uitgestrekte vlakte waar we gezandstraald worden door de hete wind. Het gaat steeds heviger waaien. De lucht boven ons blijft helder blauw maar 360 graden rondom ons wordt alles wazig en mistig door het opstuivende zand. Dan maar de chèche goed aanbinden en doorbijten. Het wordt een helletocht. Iedereen moet een extra inspanning leveren. De duinen in de verte lijken niet dichter te komen. Maar toch…na drie uren tegen de wind vechten, komen we aan in het kamp. Iedereen zakt uitgeput neer voor de thee. Mijn keel brandt, mijn benen trillen en ik voel me ongelooflijk slap door het weinig eten…maar dat was een tocht om nooit te vergeten…en de wind gaat liggen.

Marokko – het zuiden nabij Zaghora – november 2009 – Dag 6:
Vanavond bakken de berbers vers brood in een put gevuld met houtskool. Het avondeten bestaat uit soep met het nog warme brood en groetenstoofpot met rijst. We eten rondom het kampvuur en sluiten deze dag af met thee, fruit en wat verhalen uit de duizend en één nacht vertellingen.


Ik bedoel maar…als ik alleen nog maar de laatste zin herlees dan besef ik opnieuw hoe uitzonderlijk deze laatste reis opnieuw was. Je gaat het helaas echter maar ten volle appreciëren wanneer je op een grijze zondagmiddag je blog aan het updaten bent….

woensdag 28 oktober 2009

Reizen om te leren?

Binnenkort vertrek ik terug op reis. Ditmaal naar Marokko. Hoe bereid je jezelf voor op een reis teneinde er zo veel mogelijk uit te halen? Laat ons eerst duidelijk maken wat dat 'er uit halen' betekent. Het is duidelijk dat eenieder wel een ander doel beoogt met een reis. Te veel maken we de fout om onszelf als ijkpunt te nemen in een poging de beweegredenen van anderen te begrijpen. Ook hier is niets voor de hand liggend en loont het om even verder te kijken dan de neus lang is. Mensen benaderen elke situatie of een appel naar hen toe, op een andere wijze, ingekleurd door een veelheid van meegegraaide ervaringen, eerder permanente en fundamentele subjectief verschillende posities ten opzichte van de grote symbolische wereld om hen heen, maar ook gekleurd door hormonale fluctuaties, de hoeveelheid nachtrust, de regelmatigheid van de stoelgang, het fysisch welzijn en/of door vluchtige emoties en andere toevalligheden.

Dit maar om aan te geven dat we het dikwijls niet weten waarom de een zo en de ander zus reageert. En dus ook niet waarom die persoon nu net deze reis maakt. De subjectieve pasmunt van de motivatie is dan wel soms nog zichtbaar, de eventuele opbrengsten in deze mentale economie soms veel minder. Kortom, terug naar de steekproef van één: mezelf dus. Want soms leert men meer uit de nauwgezet uiteenrafelen van één bepaalde en subjectieve handeling, dan uit de poging een algemeen globaal model uit te bouwen waarin iedereen dan willens nillens moet passen. Dat wist Proust ook al. Hoewel hij er eerder van uitging dat iedereen fundamenteel gelijk is en dat we in een goede romanfiguur altijd dingen van onszelf kunnen herkennen en zo iets kunnen leren over onszelf. Dit is ook een waarheid, uitgestald vanuit een ander gezichtspunt.

Ik maak een onderscheid tussen een reis op vertrouwd terrein, zonder al te veel verrassingen, maar met een wissel op een zekere vorm van rust en goed weer en een reis die misschien wel kan leiden tot wat verrassingen. Een reis die wat verwondering kan oproepen. Een reis die ons een beetje dooreen schudt en toont dat er ook andere manieren zijn om in de wereld te zijn, en dat we - om een cliché te gebruiken - mogelijks een en ander kunnen leren van een andere cultuur, iets dat ons kan verrijken. Zo mag ik graag reizen naar Noord-Afrika, naar de woestijnen en merken dat men daar toch iets anders omgaat met elkaar, met de tijd, met de omgeving. Die confrontatie met andere waarden, bruuskeert soms vastgeroeste opinies of ideeën. En met dat het wrikken, komen vastgelopen tandwielen weer in beweging...Men treedt een beetje uit zijn vaste referentiekader waardoor het aanmatigende 'sérieux' van ons dagelijks bestaan en de soms verstarde aanwassen van onze gewoontes, in een ander licht worden bekeken. Dit belet niet dat ik ook gewoon wel eens met mijn luie krent in het zand wil liggen lezen.

Maar we gingen het uiteindelijk over reisvoorbereidingen hebben. In mijn geval probeer ik zoveel mogelijk te leren uit reisverhalen en dagboeken van anderen die me zijn voorgegaan. Ik kijk naar kaarten, probeer iets van de taal mee te pikken, leer wat over de geschiedenis en cultuur. Het helpt soms een en ander te zien of te plaatsen dat anders onopgemerkt zou gebleven zijn. Dit alles is echter geen garantie voor een geslaagde vakantie. Je moet ook kunnen afstand nemen en je lot in de handen van de voorzienigheid leggen. Je moet geduld kunnen oefenen en soms gewoon ook wat geluk hebben. Maar dan nog kan het gebeuren dat je bij aankomst op de luchthaven van de trap valt en je door Europe Assistance moet gerepatrieerd worden. Maar dan beste Boppers, heb je tenminste het genoegen gekend van de zoete anticipatie, heb je weer wat bijeengelezen of geleerd. Zo zie je maar. ‘Come prepared!’ En je wint altijd. Maar dat is de boy scout in mij.

vrijdag 23 oktober 2009

Radio Nostalgie...

De titel kan hier een beetje misleidend zijn. Hoewel ik bij tijd en wijlen graag naar muziek uit vorige decennia luister, is het onderwerp van deze week niet enkel gebonden aan radio maar aan een breed scala van media. Als we dan toch starten met radio, is het jullie ook opgevallen dat de radiozenders met playlists vol hits uit de jaren 60’ en 70’ als paddenstoelen uit de grond schieten. Naast de Franse Radio Nostalgie (reeds jaren een must voor eenieder die naar het zuiden van Frankrijk tuft), hebben we nu ook een Belgische Radio Nostalgie (oeverloos ochtendlijk geëmmer incluis), Classique 21 (oude waarde maar een groteske overvloed aan reclame), Ambigold en nog een trits zenders met grote blokken ‘oldies’ programmatie.

Is dit omdat nostalgie verkoopt? Is dit omdat de huidige relatief kapitaalkrachtigen (dwz. veertigjarigen) opgroeiden in diezelfde jaren en daarom een mooie marketing doelgroep vormen? Op TV loopt momenteel het programma ‘de jaren stillekens’ waarin presentator Steven Van Herreweghe op zeer verdienstelijke manier omgaat met het geweldige B(V)RT archief. Maar laten we eerlijk zijn, met het materiaal waaruit hij kon putten, is het al moeilijk om een saai programma af te leveren. Het BRT archief zou moeten beschermd worden als cultureel erfgoed. Alleen al de ‘Pak de poen Show’ met de gebroeders Verreth verdient een Oscar! Niet enkel is het een soort van gedeeld geheugen geworden waarin opeenvolgende generaties (schipper naast mathilde, de paradijsvogels, de collega’s, de kampioenen..) hun nostalgische verzuchtingen kwijt kunnen, het is tevens een archief van wisselende waarden en evoluerende moraal over de jaren heen. Iemand gezien hoe vroeger dokters debatteerden men een rokende sigaret in de studio, hoe de politici en wielrenners in de jaren ’50 werden geïnterviewd, hoe een sportwedstrijd becommentarieerd werd, welke thema’s men als ‘progressief’ in de jaren ’70 aansneed? Heerlijk toch?

Maar er sluipt dikwijls een imaginaire lachband onder, het is allemaal zo komisch geworden. Alsof gemeende en doorleefde uitingen van een cultureel-sociale context in het ene jaar slechts voedingsbodem kunnen worden voor grappige intermezzo’s in de daaropvolgende jaren? Hier is een zekere ambivalentie aan het werk. Het lijkt alsof we ons willen distantiëren van wat ons vooraf is gegaan. Omdat de zwart-witte echo uit het verleden ons opzadelt met een vorm van schaamte of het verpletterende besef dat alles waarmee we ons bezighouden slechts stof is voor een stand-up comedian die nu nog zijn eerste pasjes leert lopen? Een les in nederigheid dus? Dit is slechts één zijde van de medaille. De andere is dan de vraag waarom we steeds terugkijken naar die wereld van oudsher? Wat geeft het ons in ruil voor die tijdelijke vervreemding? Boeken grijpen nog explicieter terug naar vroegere periodes. Hoeveel romans spelen zich niet af in een vorig tijdperk? Andere publicaties richten zich voluit op deze nostalgische doelgroep. Er wordt ons een nieuwe blik gegund op onze kinderjaren, we hervinden oud speelgoed, we herinneren ons gelijkaardige klasfoto’s, we zingen mee met de zomerhitjes van toen. Het is soms leuk toeven in dit – door de nevelen der tijd wazig geworden – achterland. We denken soms dat het vroeger ‘wel beter was’. Ongenuanceerd en gratuit als deze uitspraak is, sommige dingen waren vroeger effectief beter. En dat bewijst niet alleen het BRT archief maar tevens de nuchtere cijferanalyse van de toename in aantallen patiënten in de geestelijke gezondheidszorg.

Er is natuurlijk het risico dat men te lang in dit la-la land van ‘Fabeltjeskrant’ en ‘Echo’ verblijft. Want voor wie daar vatbaar voor is, kan nostalgie leiden naar weemoed, weemoed van mistroostigheid naar moedeloosheid, moedeloosheid naar depressie en dan zijn we natuurlijk ver van huis. Dus beste boppers, zoals steeds en voor uw eigen zielenheil, ook hier geldt soberheid als een deugd. Let’s all chant!

woensdag 7 oktober 2009

Ik weet het...ik lees de krant!

Ik las vorig jaar in de krant een artikel over de bijen die aan het verdwijnen zijn. Vandaag lees ik dat Douglas Couplands nieuwe boek (Generation A) dit als een plotelement gebruikt. Andere onheilstijdingen vanuit die grote vreemde ‘Andere’ die de natuur is: overstromingen zijn een directe weerwraak op ons overmatig ingrijpen in het bio-evenwicht. Uitzinnige stormen, verstoorde regenval, verschraalde biodiversiteit, de met Armand Pien merkwaardig verdwenen straalstroom en het schandknaapje voor alle kwaad: el-ninjo, je kunt de krant niet openslaan of je wordt ermee om de oren geslagen.

In de laatste film van M. Night Shyamalan nemen de bomen en planten zelfs wraak op ons door middel van toxische secreties waardoor we ons massaal als lemmingen de dood in storten. Het lijkt wel of de natuur onze maatschappij nabootst. De huidige nieuwsgaring verbindt natuur en cultuur op een nooit geziene wijze, als een moebiusband, een groteske steeds uitdijende topologie van een spatiaal zelfbewustzijn in een kluwen van betekenaars van waaruit niet te ontsnappen valt. Want net zoals in de natuur, is ook in de samenleving sprake van een verstoord evenwicht, van het opduiken van uitzonderlijke excessen. De krant opnieuw: er is een serieverkrachter opgepakt…met voorbinddildo, akelig masker en een groot mes. Je zal die maar eens tegenkomen tussen donkeren en klaren. (tijdens overmatige regenval) Het lijken in scène gezette ‘events’ die naast hun uitermate wrede en ‘onmenselijke’ karakter daarbij nog een boodschap lijken uit te dragen, bijeengelapt uit verwrongen culturele referenties, een hyperrealistische onsmakelijke grap. Scream! Ander onwezenlijk element: elke dag sterven er kinderen door gebrek aan voedsel en hygiëne. Schrijnend natuurlijk, maar nog schrijnender is een van de redenen die in het artikel opgegeven wordt om deze toestand te verhelpen: door de hoge kindersterfte hebben we een productieverlies van x aantal miljard dollars in onze Global Marketplace; en dat kan natuurlijk niet. Wie nu nog niet het zuur in zijn keel voelt opborrelen…Er zijn momenteel heel wat projecties van onze gedeelde culturele angsten en excessen aan de gang op het onschuldige scherm van moeder natuur.

Op de keeper beschouwd zijn we wellicht wel de bomen, bloemen en de bijtjes aan het decimeren, maar er is een diepere waarheid. En die is dat we dit als een schouwtoneel gebruiken waarbinnen we onze angsten en onrust opkloppen, waarin we als het ware een soort van gezamenlijk schuldbesef aan het creëren zijn, als een soort van ultieme uitlaatklep voor het onbehagen in onze maatschappij. Op een perverse manier ligt daarbij nog in het effectieve lozen, kappen, verbranden, en bespuiten nog eens de bevestiging van die schuld en het appel op een soort van vervangende gemeenschapsstraf, als een impotente ‘Beagle’ die in de voetsporen van Darwin (tv-gewijs) - een en ander poogt recht te zetten…Dus beste Boppers: op een bepaald moment zal het percentage horrorberichten in de krant er voor mij te veel aan zijn en zeg ik mijn abonnement op. Helaas is het stoppen van de vingers in de oren niet altijd een gepaste reactie.