Pagina's

Posts tonen met het label technologie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label technologie. Alle posts tonen

maandag 1 maart 2010

iPadding...

Er wordt op het internet nogal wat afgemekkerd over de Apple iPad. De vraag die na heel wat discussie, speculatie, cynisme en dweperij overblijft is: 'Wat doet het ding?' Het antwoord ligt niet minder voor de hand: de iPad doet wat de iPad doet. De veronderstelling is dat dit device zijn eigen toepassingssfeer zal creëren. Als een soort mythisch automaton dat de condities voor zijn eigen bewustzijn zal scheppen.

Dat is een nogal moedige positie van waaruit men een nieuw toestel op de markt brengt. Je zal denken, Apple zal wel zijn research hebben gedaan. Maar vergeet niet, ze hebben ons ook de Apple Newton gegeven. De ganse introductie is opgezadeld met de overtuiging dat technologie gedrag kan vormen in plaats van de normale inverse relatie. De discussie wordt verder gevoed door het adagio dat vorm functie volgt...Maar wat als de exacte functie nog een fluid gegeven is? Dan wordt de iPad een semantische non-ruimte, een entropie van dode letter.

Dus, laten we eens onderzoeken wat de iPad doet. Is het een eReader, een soort netbook? Ik ga er geen foto's mee nemen. (Of toch..portretfotografie?); noch ga ik er mee bellen. En ik ga buitenshuis niet naast mijn smartphone en laptop nog eens de iPad meezeulen. Ik ben geen slaafje van mijn technologie. Technologie moet een extensie van mijn denkruimte zijn. Het moet het canvas uitbreiden waarop mijn verbeelding en cognitieve ambities zich kunnen botvieren. Een plaats waar ik informatie kan manipuleren naar behoeven. Soms is die ruimte klein (wanneer ik op mijn gsm schermpje mijn agenda raadpleeg) of groot (wanneer ik op mijn desktop wil photoshoppen). Dus wat is de iPad niche?

Let wel, het ding is nog steeds niet op de markt maar hier volgt een geïnformeerde gok over hoe een dag met de iPad er kan uitzien.
Bij het ontbijt ligt de iPad op de keukentafel. Ik lees er met veel gemak de iPad versie van de ochtendkrant op. Zo kan ik artikels lezen waarin video zit ingebed. Het ziet er meer uit als de bewegende krant van Harry Potter dan de huidige on-line versie van de dagbladen. Ik controleer mijn mail en browse wat newssites. De browserervaring is ongelooflijk. Pagina's laden uiterst snel. 's Middags heb ik vrijaf. Ik vlij me in de zetel neer en lees de iPad versie van WIRED. Dankzij mijn abonnement worden de issues rechtstreeks naar mijn iPad geduwd. Daarna start ik mijn google reader op en surf doorheen mijn RSS feeds.
's Avonds koop ik nog een boek op amazon.com dat direct op mijn iPad wordt gedownload.

Door zijn nauwe relatie met de iPhone bestaat er ook een Apple app store voor de iPad waar ik een veelheid aan toepassingen kan aanschaffen. Van games tot meer ernstige toepassingen. Ik ben er zeker van dat de killer applicatie voor de iPad op dit moment wordt ontworpen in het brein van een jonge programmeur. Dus dat zit wel snor.

De iPad, ik weet niet goed wat het doet..en wat het goed zal doen...maar ik wil er een.

maandag 20 juli 2009

The dream of Spaceflight...

Het is veertig jaar geleden dat we op de maan liepen. Ik herinner me, hoewel ik toen nog een ukkie was,de eerste maanlanding. De korrelige zwart-wit beelden van de eerste mens op het desolate maanlandschap spreken nog steeds tot de verbeelding. De onsterfelijke iconografie van de eenzame astronaut, slechts van het dodelijke vacuüm gescheiden door een dunne technologische schil, is het prototypische beeld van de mens als ontdekker. De mens aan de grens. Het net ontgonnen heelal beloofde ons spannende avonturen en de sterren riepen ons toe. De astronauten werden onthaald als helden en werden geïdentificeerd met het succes van deze epische onderneming. Maar het ruimtevaartprogramma was het resultaat van een grote groep mensen die aangedreven door een charismatische president met een idee, het beste van zichzelf gaf en er in slaagde om in minder dan 10 jaar een mens op de maan te zetten. Men noemt het - enigszins triest - ook de laatste grote optimistische onderneming van de mensheid.

Konden we maar alle inzet, energie en motivatie die destijds door dit project werden opgewekt, opnieuw mobiliseren! Chris Kraft en Gene Kranz, destijds NASA ‘flight directors’, beschrijven in respectievelijk, 'Flight. My Life in Mission Control' en 'Failure is not an option' met verve hun belevenissen tijdens de Mercuri, Gemini en Apollo missies. De boeken lezen als een trein en het is verbazend te zien dat beide schrijvers steeds opnieuw terug refereren naar de branie, moed en doorzetting, waarvan iedereen toen blijk gaf. Je moet sommige verhalen wel met een nostalgische korrel zout nemen, maar de boeken blijven een testament van een minder cynische tijd waarin het samenhorigheidsgevoel steevast de boventoon voerde. De maanlanding is ondertussen 40 jaar oud. In die tussenliggende periode heeft geen enkel andere collectieve onderneming ons zo begeesterd en in de ban gehouden. De sterren roepen nog steeds maar we luisteren niet meer. Onbemande sondes en een internationaal ruimtestation blijven parochiale initiatieven en zingen maar een zwak loflied aan de menselijke ontdekkingsdrift en diens nood 'to boldly go where no man has gone before'.

En dit houdt een risico in, zoals zo mooi beschreven in een vijftal essays van Wyn Wachhorst, gebundeld in 'The dream of Spaceflight'. De ontdekking van de ruimte is niet slechts een zaak van technologie of politiek maar is een appel aan onze ware spirituele aard. De mens heeft steeds die grens aan het bekende opgezocht, hij heeft die nodig. Mijmerend langs de vloedlijn vraagt hij zich af wat zich aan de overkant van de oceaan bevind. Maar er is hoop. NASA heeft onder het Bush bewind de opdracht gekregen om een permanente maanbasis uit te bouwen. Het Constellation programma voorziet in de bouw van nieuwe raketten (ARES I-V) en de nieuwe Altair Lunar Lander. Ook ons eigen landje laat zich niet onbetuigd en heeft beslist de bouw van het ESA ARV (Advanced Re-entry Vehicle) mee te financieren. En Boppers, laten we ons ook inspireren door Frank De Winne, de eerste Belgische gezagvoerder van het ISS - polyglot, piloot en ingenieur. Met hem kunnen we dromen van reizen naar de maan, mars...and beyond!!

dinsdag 28 april 2009

Juicy Technology en de droom van een vergeten toekomst...

Soms is technologie eerder een vloek dan een zegen, maar wanneer ze goed doordacht is en de gebruiker op een hoger niveau van gelukzaligheid, inzicht of vrijheid wordt getild, dan is ze ‘Juicy’. Het begrip is niet zo makkelijk ondubbelzinnig te beschrijven maar er zijn toch een aantal criteria waaraan technologie moet voldoen vooraleer ze ‘juicy’ wordt. Vooreerst geeft Juicy Technology (JT) haar grootste meerwaarde vrij waar ze in een speelse context wordt ontwikkeld en gebruikt. Het injecteert kleine momenten van plezier en welbehagen in een wereld van grijze middelmatigheid en monotonie. Zoals een druppel afwasmiddel het vet verjaagt, zo zal JT doorheen de oppervlaktespanning van verveling en frustratie breken. Een voorbeeld hiervan is de applicatie ‘Poladroid’ die je foto’s omtovert in oude, gekraste, vreemdkleurige Polaroids. De interface is hilarisch; zo kan je bijvoorbeeld de ontwikkeling van je Poladroid zelf bespoedigen door de foto op de desktop snel met de muis heen en weer te slepen, net zoals je vroeger met een echte Polaroid schudde om de afwerking ervan te versnellen.

Ander voorbeeld: de GPS in je auto. Gedaan met de frustraties, ruzies over de correcte interpretatie van de wegenkaart of wanhoop bij het nogmaals missen van de juiste afrit. Die reis in het buitenland wordt een aaneengeregen snoer van ontdekkingen en rustig genieten in de zekerheid dat je GPS klaarstaat om over te nemen wanneer nodig. Een ander JT criterium is het gebruiksgemak. De huidige digitale televisiegidsen laten je elk programma of episode van je favoriete serie één-kliksgewijs opnemen zonder het vroegere gestoethaspel bij het instellen van de begin- en eindtijden, zender of opnamesnelheid. Zie ook de combinatie iPod en iTunes waar een mooie design en weldoordachte software mijn muziekbeleving intensifieert, faciliteert en catalogeert. Op basis van deze criteria kun je ook zien dat e-mail oorspronkelijk misschien wel ‘JT’ was maar nu niet meer. JT toont ons ook dat de menselijke creativiteit in staat is om uit het grote bewuste en onbewuste reservoir van onze toekomstdromen te tappen. JT is geïnspireerd op half vergeten wensdromen van wat in de toekomst allemaal mogelijk zou worden. Het is de verwezenlijking van wat eens een embryonaal verlangen was van een vorige generatie. Het is de Star Trek communicator getransformeerd in de GSM. Het is de persoonlijke helikopter uit een verloren toekomstbeeld van de jaren ’30 gemetamorfoseerd in de ‘Segway'.

In ‘The Gernsback continuum’ (het eerste gepubliceerde verhaal van William Gibson (tevens de schrijver van ‘Neuromancer’ (cyperpunk) en meer mainstream ook ‘Spook Country’ en ‘Pattern Recognition’ ) wordt op een vertederende manier beschreven hoe een gefantaseerd Amerikaans toekomstbeeld, ontstaan in de eerste helft van de 20ste eeuw (cfr. de Zeppelins die (nooit) aanlegden aan de top van de Empire State, de gestroomlijnde reuze vliegtuigen die nooit hebben gevlogen, de autobanen met tachtig rijvakken die nooit werden gebouwd, de Flash Gordon Art-Deco stijl…), voortleeft in half vergeten semiotische spookbeelden, in een ‘architectuur van stukgeslagen dromen’ die een beïnvloedbaar hoofdpersonage als hallucinaties overvallen. (Dit verhaal verscheen oorspronkelijk in de 'Mirrorshades' verzamelaar, samengesteld door Bruce Sterling.) Ook JT pikt een aantal van deze scherven op en refereert naar de gedurfde blauwdrukken van onmogelijke ruimteschepen en ander utopisch tuig en is zo een hommage aan stoutmoedige denkers en visionairs. Daarom zijn bij uitbreiding de Space Shuttle en het Hellend Vlak van Ronquieres ook voorbeelden van JT.

Helaas werd de Space Shuttle reeds achteloos verwezen naar het museum van verloren en vergeten dromen; geparkeerd naast de Concorde en andere relikwieën die misschien het stadium van de tekentafel nooit zijn ontgroeid, maar die wel de harten van mensen hebben beroerd. Daarom moeten we opnieuw dromen, in felle kleuren en op grote canvassen, we moeten dat collectieve reservoir terug vullen met exuberante wensdromen en vistas van technologische wonderen ten behoeve van de komende generaties. Het is niets anders dan onze plicht, Boppers.